Alles over Ramadan en Diabetes

Ramadan

Nederland telt ruim 900.000 moslims. Ramadan is voor hen een speciale maand waarin zij van zonsopgang tot zonsondergang vasten (niet eten en drinken) In de Islam krijgen mensen, die door het vasten gezondheidsproblemen kunnen oplopen, vrijstelling. Ondanks deze vrijstelling willen mensen met diabetes toch meedoen aan de ramadan.
Tijdens de ramadan verandert er veel; de tijd wanneer men opstaat, wanneer men eet, het aantal maaltijden, de hoeveelheid calorieën, koolhydraten en eventueel de lichamelijke activiteit. Door deze veranderingen kan de diabetes ontregelen.
Niet alleen voor de patiënten is ramadan een lastige maand. Ook voor behandelaars is ramadan een lastige combinatie. Er is juist behoefte aan ondersteuning in de vorm van meer kennis praktische adviezen. De Nederlandse Diabetes Federatie en de Jan van Ooijenstichting hebben de handen ineen geslagen om in die behoefte te voorzien.

Gedachten van vasten

De ramadan is de 9e maand van de islamitische kalender en is de vastenmaand.
Marokkaanse moslims spreken van ramadan, de Turkse van ramazan. Tijdens deze periode van reiniging en bezinning vasten moslims 29 tot 30 dagen, van zonsopgang tot het ondergaan van de zon. In die periode wordt er niet gegeten of gedronken en wordt afgezien van alles wat het vasten zou kunnen verbreken. Er is beschreven dat alles wat een voedend effect geeft het vasten verbreekt. Hieronder vallen ook bepaalde toedieningmethodes, onder andere intraveneus, intramusculair toedienen van medicatie.
De gedachte is dat vasten de mens eigenschappen leert als discipline, uithoudingsvermogen en vooral zelfbeheersing. Het leert respect te hebben voor anderen en voor God en begeerten en lusten te beheersen. Iedere moslim wil bijzonder graag aan deze religieuze verplichting voldoen, ook moslims met diabetes. Het spirituele is van belang; mensen geven aan dat het vasten hun spiritualiteit verhoogt. Dit ervaren zij als toegevoegde waarde voor het geestelijk welbevinden. De overwegingen om mee te doen aan de ramadan zijn niet alleen religieus, maar komen ook voort uit emoties en de psychosociale betekenis van het vasten. Hierbij valt te denken aan het gevoel van verbondenheid met de islamitische gemeenschap, schuldgevoelens jegens de vastende gezinsleden en de angst voor verlies van respect van de familie en de omgeving.
Daarnaast spelen factoren als matig ziektebesef en ziekte-inzicht een belangrijke rol.

Wereldwijd

Wereldwijd zijn er ongeveer 1,5 miljard moslims. Uit onderzoek blijkt dat circa 43% van de
mensen met diabetes type 1 en 79% van de mensen met diabetes type 2 meedoet
aan de vastenmaand. Dit betekent dat wereldwijd bijna 50 miljoen mensen met diabetes vasten tijdens ramadan

Vrijstelling

De meeste stromingen binnen de Islam stellen het vasten verplicht, op enkele
uitzonderingen na zoals de Alawiten (circa 25% van de moslims in Turkije). In de Islam
krijgen mensen die door het vasten gezondheidsproblemen kunnen oplopen vrijstelling
van ramadan. Dit is vastgelegd in de Surah al-Baqarah (koe)vers 184-185:

“184 Voor een zeker aantal dagen (zul je vasten) maar wie onder u ziek is, of op reis, vaste
een aantal andere dagen- er is een losprijs voor degenen, die niet kunnen vasten – het
voeden van een arme. Maar hij, die vrijwillig goed doet, het zal beter voor hem zijn. Het
vasten is goed, indien je het beseft

“185 De maand ramadan is die, waarin de Koran als een richtsnoer voor de mensen werd
neergezonden als duidelijke bewijs van leiding en onderscheid. Wie daarom deze maand
beleeft, laat hem daarin vasten. Maar wie ziek of op reis is, een aantal andere dagen. God
wenst gemak voor jou en geen ongemak en opdat je het aantal zult voltooien en opdat je
Gods grootheid zult prijzen. Omdat hij je terecht heeft geleid en opdat je dankbaar zult zijn.”

Het Islamitisch jaar

Het islamitische jaar rekent in maanmaanden van 29-30 dagen en niet in zonmaanden
van 30-31 dagen. Hierdoor duurt het islamitische jaar gemiddeld 354 dagen in plaats van
365 dagen. De ramadan valt daarom niet steeds in hetzelfde seizoen, maar verplaatst
jaarlijks met 11 dagen terug in de tijd.

  • 2017 - 27 mei
  • 2018 - 16 mei
  • 2019 - 6 mei
  • 2020 - 24 april
  • 2021 - 13 april
  • 2022 - 3 april
  • 2023 - 23 maart
  • 2024 - 11 maart

Het doel met diabetes

Problemen met de diabetesregulatie voorkomen bij moslims met diabetes die vasten tijdens ramadan door middel van advisering en begeleiding, met respect voor de geloofsovertuiging.
De doelgroep waarop de adviezen betrekking hebben, bestaat voornamelijk uit mensen met diabetes type 2 zonder complicaties. Mensen met diabetes type 2 met complicaties of risico op complicaties en mensen met diabetes type 1 hebben vrijstelling vanuit de Koran. Vasten moet aan hen ten stelligste worden ontraden.

Wie is verplicht tot vasten?

• Alle volwassen mensen die geestelijk en lichamelijk gezond zijn.
• Kinderen die puberale symptomen vertonen; meisjes na de eerste menstruatie,
jongens na de eerste zaadlozing.

Wie hebben er definitieve vrijstelling van het vasten?

• Mensen die chronisch ziek zijn en behandeld worden met medicatie; bij wie sprake is van complicaties of dreigende complicaties en bij zieken bij wie het niet mogelijk is om de medicatie aan te passen.
• Psychiatrische en dementerende patiënten.
• Verstandelijk gehandicapten.
• Kinderen bij wie nog geen puberale symptomen aanwezig zijn.
• Ouderen die te zwak zijn om te vasten.
Mensen die een definitieve vrijstelling hebben, betalen per dag dat zij niet vasten een vergoeding. Jaarlijks wordt er door de raad van de Fatwa een bedrag vastgesteld (rond € 5 per dag). Vragen over de besteding van het geld kunnen besproken worden met de imam. Indien iemand niet in staat is om dit bedrag per maand te missen, kan diegene bijvoorbeeld voedsel geven aan de armen. Indien ook dit niet mogelijk is, mag niemand hierover oordelen.

Wie hebben een tijdelijke vrijstelling van het vasten

• Zwangere vrouwen;
• Vrouwen zolang zij borstvoeding geven;
• Menstruerende vrouwen;
• Mensen die op reis zijn;
• Mensen die tijdelijk ziek zijn.
Mensen die een tijdelijke vrijstelling hebben, moeten het vasten later weer inhalen.

 

Begeleiding voor, tijdens en na het vasten

De begeleiding van mensen met diabetes rondom ramadan is van essentieel belang. Daarvoor
worden in deze brochure algemene adviezen gegeven, die vanzelfsprekend vragen om toepassing op maat. Neem als behandelaar zelf het initiatief om het onderwerp diabetes en ramadan bespreekbaar te maken. In principe moet aan mensen met complexe diabetes geadviseerd worden niet te vasten. Met name bij mensen met diabetes type 1 en mensen met complicaties (hart en nieren) is het van belang dit advies te handhaven om de kans op gezondheidschade op korte en/of lange termijn te beperken. Het is raadzaam familieleden van de patiënt bij de besluitvorming te betrekken, omdat die vaak op objectievere wijze de problemen kunnen benoemen. Verder kan de arts de patiënt adviseren contact op te nemen met een imam als de patiënt twijfelt aan de mogelijkheid van vrijstelling. Ook bij niet vasten verandert het dagritme vaak omdat men in het algemeen wel meedoet met het gebed en wat mee-eet als de rest van het gezin eet. Het is dus belangrijk ook met hen te bespreken hoe zij de medicatie zo nodig moeten aanpassen. Bij diabetes type 2 zonder complicaties is vasten bespreekbaar en kan eventueel in goed overleg tussen de zorgverlener en de patiënt de medicatie worden aangepast. Voor extra informatie over voeding en dieetbegeleiding kan eventueel naar de diëtist worden verwezen (op indicatie).
Attentie: alle adviezen die betrekking hebben op bloedglucosemetingen en dagcurves gelden alleen indien er sprake is van zelfcontrole.

Begeleiding ter voorbereiding van het vasten

• Breng het onderwerp, ‘vasten tijdens ramadan’, vanaf drie maanden voor het begin
van de ramadan ter sprake tijdens de driemaandelijkse controle.
• Informeer bij de patiënt of hij/zij al eerder heeft gevast, vraag naar de ervaringen.
• Beoordeel of er redenen zijn om patiënt te adviseren NIET mee te doen met het vasten.
• Zorg dat er een goed beeld is van de gezondheidstoestand van de patiënt; zoals
nierfunctie, HbA1c, bloeddruk en relevante medicatie anders dan voor de diabetes.
• Attendeer de patiënt op het risico van hypoglykemie en hyperglykemie en wat te
doen als deze optreden.
• Attendeer de patiënt op een gezond voedingspatroon, met name in verband met
de koolhydraten tijdens de iftar (=avondmaaltijd in de ramadan) waarbij men
gerechten met een hoog gehalte aan koolhydraten neemt.
• Geef de patiënt uitleg over het eventueel aangepaste medicatiebeleid tijdens het
vasten en geef dit advies op papier mee.
• Leg de patiënt uit dat de eerste vier dagen van het vasten erg belangrijk zijn om te
beoordelen of er verantwoord gevast kan worden, en dat de bloedglucosewaarden
regelmatig gecontroleerd moeten worden.
• Instrueer de patiënt hoe deze de glucose-dagcurve het beste kan uitvoeren tijdens
ramadan, bijvoorbeeld voor het ontbijt vroeg in de ochtend; twee uur na het ontbijt;
bij het middaggebed; voor het avondeten/verbreken van het vasten; voor het
slapen gaan.*
• Adviseer de patiënt dringend bij klachten de glucose te meten, daarop actie te
ondernemen en zo nodig contact op te nemen met de behandelaar.
• Maak afspraken bij welke glucosewaarden de patiënt contact moet opnemen.
• Maak afspraken voor de extra dagcurven tijdens ramadan en extra contactmomenten.

Begeleiding tijdens ramadan

Doordat men tijdens de ramadan een groot deel van de dag niet eet en drinkt, is er een groot risico op het ontstaan van een hypoglykemie bij bepaalde medicijnen en insulinegebruik. Zeker na de iftar bestaat een grote kans dat de hoge bloedglucosewaarden in de avond en nacht aanhouden door de koolhydraatrijke gerechten.
• Vraag de patiënt gedurende de eerste vier dagen van de ramadan tweemaal een
dagcurve te maken.
• Na de eerste vastenweek volstaat eenmaal per week een dagcurve.
• Wanneer er redenen zijn om te veronderstellen dat de glucoses ontregeld raken
tijdens het vasten (bijvoorbeeld bij onregelmatige glucosewaarden tijdens het
‘normale’ leven of bij onzekerheid of de adviezen goed worden opgevolgd) spreek
dan de week na de eerste twee dagcurves - bij afwijkende waarden eerder - een
contactmoment af met de patiënt.
• Beoordeel tijdens het contactmoment aan de hand van de dagcurves of het
aangepaste medicatiebeleid gehandhaafd kan blijven of aangepast moet worden:
-    informeer naar het voedingspatroon;
-    informeer naar eventuele hypoglykemieën (tijdstip en verloop hiervan);
-    informeer naar de tijd van medicatiegebruik (soms komt het voor dat mensen uren
na het eten pas medicatie gebruiken).
• Plan, indien haalbaar, een afspraak circa vier dagen na afloop van de ramadan voor
een check-up en een evaluatie.
NB: niet tijdens het Suikerfeest, dan komt men niet.

Begeleiding na ramadan

• Er zijn mensen die na de Ramadan zes dagen extra vasten. Vraag de patiënt of hij/zij
van plan is hieraan mee te doen.
• Instrueer de patiënt aan het eind van ramadan het oude medicatieschema te hervatten.
• Vraag de patiënt circa drie dagen na het Suikerfeest een dagcurve te maken.
• Beoordeel de dagcurve en pas op indicatie het medicatiebeleid aan.
• Maak een afspraak om samen de ervaringen tijdens ramadan te evalueren.
• Bepaal het HbA1c en vergelijk dat met de uitslagen van voor ramadan.
Documenteer de bevindingen, ervaringen, adviezen, afspraken en geplande (extra)
contactmomenten voor, tijdens en na ramadan in het dossier van patiënt.

 

De informatie op deze website is puur en alleen informatief bedoeld. Op geen enkele wijze willen wij invloed uitoefenen op eventuele behandeling. Overleg altijd met uw behandelaar!

Het OrangeLine logo Webdesign and CMS by OrangeLine Uitgeest ®, The Netherlands.